Regio – Wie in het voorjaar ooit een excursie maakte op de Nieuwkoopse Plassen, kent het zeldzame moment waarop de natuur even volledig het woord neemt. Het gesnater, gekrijs en gefröbel dat boven de oude legakkers hangt, vertelt dan precies wat er gaande is: de visdiefjes hebben hun pulletjes groot te brengen. En zij zijn bepaald niet de enigen. Reigers, lepelaars, aalscholvers, allemaal bevolken ze die groene archipel alsof het eeuwenoude familiebezit is dat elk jaar opnieuw wordt opgeëist.
De Nieuwkoopse Plassen zijn een wereld die leeft bij de gratie van samenscholing. Koloniebroeders, worden ze wel genoemd: vogels die pas floreren als ze dicht bij elkaar zitten. Niet iedereen durft dat meer, in tijden waarin zelfs mensendorpen alleen nog kolonies lijken bij de gratie van glasvezel en stiltegebieden. Maar de vogels, die trekken zich daar niks van aan. Ze komen massaal bijeen, maken lawaai, bouwen nesten alsof de voorraad wilgentenen nooit opraakt, en delen het water alsof het een dorpspomp is.
Op dinsdag 3 maart van 20.00 tot 22.00 uur zal die wereld tot leven komen in NME-centrum De Woudreus in Wilnis, waar IVN De Ronde Venen & Uithoorn boswachter John Pietersen van Natuurmonumenten uitnodigt. De toegang is gratis, maar een vrijwillige bijdrage van 2,50 euro wordt gewaardeerd. Pietersen kent de plassen als een dagboek zonder slot: elke bladzijde vol verrassingen, seizoenen en vooral verhalen. Tijdens zijn lezing neemt hij bezoekers mee langs elegante lepelaars die met een air van aristocratie over de oevers schrijden, langs de speelse kokmeeuwen die luidruchtig elk plekje opeisen en langs de purperreiger, dat schuchtere schaduwwezen dat je eerder vermoedt dan ziet.
Vogelromantiek
Maar Pietersen spreekt niet alleen in vogelromantiek. Hij zal ook de fragiele rand tonen waarop die rijkdom balanceert. Want wie zijn oor te luister legt, hoort dat een broedkolonie niet alleen vruchtbaarheid ademt maar ook kwetsbaarheid. Stijgende waterstanden, recreatiedruk, verlies van rietland: het zijn factoren die hun sporen nalaten. “Het werk van Natuurmonumenten”, vertelt hij, “bestaat voor een groot deel uit het beschermen van dat broze evenwicht. En dat lukt alleen als mensen weten wat er op het spel staat.”
Daarom is deze avond meer dan zomaar een natuurpraatje. Het is een uitnodiging om opnieuw te leren kijken naar een gebied, dat zo dichtbij ligt dat het bijna vanzelfsprekend voelt. Een kans om het wonder te zien in wat elk jaar opnieuw gebeurt: dat tientallen vogelsoorten, ieder met eigen eigenaardigheden, samen een orkest vormen dat nergens anders zo klinkt.
Op de foto: Vogelromantiek. Foto: Martin van Lokven.

