G-voetballers zijn sterren zonder allures

De Kwakel – KDO organiseert zaterdag 28 februari een sponsordag. Speciaal voor deze gelegenheid is de kantine aan de Vuurlijn in De Kwakel omgebouwd tot een après-ski hut. Een van de programmaonderdelen is een match tussen teams voor G-voetballers, ofwel sporters met een beperking. De wedstrijd begint om 14.00 uur.

De ‘G’ staat voor gehandicapt, maar dat belet deze sporters niet om succes uitbundig te vieren. Integendeel zelfs, want als er is gescoord, vliegen ze elkaar spontaan om de nek. Na de officiële speeltijd worden soms penalty’s genomen. Zodat iedereen de kans krijgt om te scoren. “We hadden een speler die moeite had met contact maken”, zegt begeleider Mirjam van Doorn (53) uit De Kwakel. “In het begin stond hij vaak langs de kant. Tot hij op een gegeven moment uit zichzelf om de bal vroeg. Dat was een gigantische doorbraak. Zijn moeder stond erbij te huilen. Dat is wat sport teweegbrengt.”

Voetbal versterkt de motoriek
Mensen met een verstandelijke beperking zitten bovengemiddeld veel binnen. Sporten biedt ze een kans om in de gezonde buitenlucht te verkeren en hun weerstand te verbeteren. Daarnaast versterkt het de motoriek, conditie en coördinatie. Tijdens een wedstrijd zie je G-sporters als het ware opbloeien.

Respect en emoties
Het is opvallend hoezeer G-sporters solidair zijn met elkaar én met de tegenstander. Is er iemand geblesseerd geraakt? Dan wordt er rustig gewacht tot betreffende speler weer op zijn benen staat. Verder is er weinig tot geen negativiteit. Soms is er een speler die het lastig vindt als dingen niet gaan zoals hij wil. Die wordt dan door zijn teamgenoten opgebeurd. “En anders helpen begeleiders bij het kanaliseren van emoties”, zegt Mirjam.

Gedeeld succes
Aan spelspelers heeft het G-voetbal een broertje dood. “Nee, daar doen we niet aan. Als we merken dat er solistisch gedrag ontstaat, dan acteren we daarop. We vragen onze spelers om minstens tweemaal over te spelen als ze aan de bal zijn. Ook als ze alleen op doel afgaan. Zodat succes altijd gedeeld succes is.”

Teamgevoel
Het teamgevoel is volgens Mirjam misschien nog wel belangrijker dan de lichaamsbeweging. “De spelers gaan soms samen uit eten, bowlen of naar de film. Dat geeft ze een gevoel van onafhankelijkheid en vrijheid. Plus het gevoel dat ze deel uitmaken van een vriendengroep. Dat is belangrijk, want ze zijn meestal alleen. Teamsport betekent in dat opzicht meer dan een individuele sport.”

Voldoening uit dat ene doelpunt
Winst of verlies maakt niet uit. “Ook als G-sporters weten dat ze gaan verliezen, blijven ze er vol voor gaan. Verliezen ze met 13 – 1, dan halen ze alle voldoening uit dat ene doelpunt. Dat de andere partij beter was, maakt niet uit. Jammer dan, volgende keer beter. De sfeer in de kleedkamer is nooit chagrijnig of negatief.”

G-sporters zijn authentiek
Stijn is een speler met Down-syndroom, die al heel lang meedraait. De meeste mensen kennen hem inmiddels. Stijn is behendig, snel en een uitstekende verdediger. “Als hij een doelpunt heeft gemaakt, scheert Stijn met uitgespreide armen over het veld, als een vliegtuig. Dat is zijn handelsmerk, en het is altijd leuk om te zien hoe hij zijn feestje viert.

Fair-play
Vergis je niet; sommige voetballers met een beperking kunnen buitengewoon creatief en technisch spelen. Hun wedstrijden doen recht aan de geest van het voetbal, met fair-play, inclusiviteit en passie. Een universele spelopvatting die fans, volgers en begeleiders in vervoering brengt.”


Sydney Bronwin van der Ham (30) voetbalt in een G-team

“Ik ben begonnen met voetballen toen ik zes jaar oud was. Mijn moeder heeft een voetbalteam speciaal voor G-sporters opgericht. Dat zijn mensen met een beperking. We zijn niet anders dan anderen. Ik heb alleen moeite met lezen en schrijven. Dat komt omdat ik een laag IQ heb. Voetballen vind ik leuk, net als puzzelen en spelen met lego. Ik speel linksachter. In een team met nog een meisje en verder allemaal mannen. In de kleedkamer wachten de mannen tot wij klaar zijn, daarna gaan ze zelf pas douchen. Van voetballen word ik heel gelukkig en vrolijk. Met iedereen kan ik goed opschieten.

Ik train een keer in de week, op maandagavond. Ik zou eigenlijk wel vaker willen trainen. Maar dat kan niet, omdat alle velden bezet zijn. Ik heb pas gescoord, voor de eerste keer in lange tijd. Verliezen vind ik niet erg als we de spelers van de tegenstander goed kennen. Het liefst wil ik natuurlijk winnen, maar als dat niet lukt kan ik me er goed bij neerleggen. Bij G-voetbal maakt niet uit hoe je eruitziet of waar je vandaan komt. Iedereen kan meedoen. Als mijn lichaam het toelaat, ga ik nog heel lang door met voetballen. Na een training heb ik soms last van mijn spieren en soms van mijn rug, maar verder gaat het wel. Ik voel wel dat ik ouder word. Na de wedstrijd geven we elkaar een high five. Daarna gaan we wat drinken in de kantine. Mijn moeder is coach, ze komt altijd kijken”.

Op de foto: Sydney Bronwin: “Van voetballen word ik heel gelukkig en vrolijk”. Foto: aangeleverd.