Eelco Doorn zwaait af als raadslid in De Ronde Venen

De Ronde Venen – Na 24 jaar lokale politiek neemt Eelco Doorn afscheid als raadslid in De Ronde Venen. Vijf termijnen als raadslid en daarvoor vier jaar wethouder in Abcoude: “Volgens de regels van mijn partij mag je er drie doen. Ik heb er vijf gehaald. Je zou kunnen zeggen: ik heb het quotum royaal overschreden.”

Doorn begon in 2002, op zijn 45e, als wethouder. “Een carrière­switch, jazeker, maar de aanleiding was heel concreet; de voorzieningen die onder druk stonden, de herindeling waarover gesproken werd en centraal het voortbestaan van club The Tumult. Ik geloofde – en geloof nog steeds – dat politiek moet gaan over oplossingen zoeken en inwoners serieus nemen en vooral de vraag hoe je mensen weer vertrouwen geeft. Dat leek mij een betere dagbesteding dan als beste stuurman aan wal te blijven staan.” Zijn achtergrond verklaart veel: zoon van beeldend kunstenaar Goos Doorn, opgegroeid met kunst, cultuur en politiek aan de keukentafel. “Ik ben op 14-jarige leeftijd bij het hippiehonk De Witte Boerderij binnengelopen en zoals ik mijn maatschappelijke carrière wel samenvat: ik ben nooit meer naar buiten gelopen.”

Bonte loopbaan
Daarna volgde een bonte loopbaan: cultureel jongerenwerk, directeur van een poppodium, initiatiefnemer van een poppodium in Purmerend, zakelijk leider van de kunstenaarsgemeenschap Ruigoord en programmamanager jongerenwerk in Amsterdam. “Leukste banen ooit: lekker bezig met wat maatschappelijk belangrijk is.”

In de jaren negentig werd hij vader en begon hij columns te schrijven over de voorzieningen die onder druk kwamen te staan, de noodzaak van herindeling, bestuurlijke vernieuwing en vooral: het serieus nemen van inwonersinitiatieven. “Dat leverde letterlijk duimen omhoog op bij het schoolplein. Ik was Facebook met een armlengte voor. Zo kwam ik in gesprek met D66 in de politiek terecht. Met dispensatie, want het hoort natuurlijk wel spannend te blijven.”

Overstap
Met verkiezingswinst op zak, werd D66 salonfähig en trad Doorn tot het college toe. Als wethouder zocht hij actief samenwerking met buurgemeenten. “Abcoude was nogal naar binnen gekeerd, terwijl het Rijk steeds minder geld gaf. Samenwerken was geen hobby, maar noodzaak.” Een uitvoeringsovereenkomst met De Ronde Venen voor de dienst Werk en Inkomen bleek achteraf profetisch. “Eigenlijk het begin van alle ellende,” zegt hij lachend, verwijzend naar de herindeling in 2011.

In 2006 maakte hij de overstap naar de gemeenteraad als fractievoorzitter van D66 en maakte hij de herindeling met De Ronde Venen mee. “De sfeer daar was… laten we zeggen: lichtelijk verzuurd. Wij uit Abcoude brachten humor mee, dat waren we gewend. Er moet wel gelachen kunnen worden. We zijn tenslotte een lekenbestuur; onszelf al te serieus nemen is ook een vak apart.” Zijn voorzitterschap van raadscommissies wordt daarom ook gewaardeerd. “Vooral mijn gehengel naar een debatje wordt gewaardeerd. Er wordt veel teveel naar het College gekeken, terwijl dualisme juist betekent dat raadsleden elkaar aanspreken. Zelfreflectie kan geen kwaad – ook nu niet,” voegt hij er met een knipoog aan toe.

Grote dossier
Zijn grote dossier: het Sociaal Domein. “Dat komt rechtstreeks uit mijn maatschappelijke carrière. Ik was al betrokken bij de voorbereiding van de WMO en bij het uitrollen van WZW-zones. Ik heb altijd gepleit voor ondersteuning, niet voor afschuiven.” Naast zijn specifieke aandacht voor de jeugd, lag ook ouderenbeleid hem na aan het hart. “Ik waarschuwde vroeg voor de Grote Grijze Golf en het nieuwe ouder worden. Daar werd toen lacherig over gedaan. Inmiddels weten we wat uitstel betekent.”

Een bekend hoofdstuk is het zwembad. “Ik was er snel van overtuigd dat het oude Meerbad in Abcoude het niet zou redden. VVD en PvdA zagen vooral kansen voor woningbouw. In die vibe heb ik een nieuw zwembad ui onderhandeld op de plek waar nu het Sporthuis Abcoude staat. Dat werd toen niet begrepen.” Later sneuvelde door de bankencrisis mijn plan voor een leisurecentrum”. Met een initiatiefvoorstel stond D66 uiteindelijk aan de wieg van het burgerinitiatief Sporthuis Abcoude. “Tegen de stroom in, maar het staat er wél.”

Ook cultuur bleef hij agenderen. “Cultuur is niet iets van na de laatste dag, maar van elke dag.” En veiligheid: “Het domein waar de burgemeester, als eenoog koning is in het land van de blinden. Ik bemoei me nu met weerbaarheid, brandweer en pandemievoorbereiding. Niet vanwege Poetin, maar vooral door de dreigende stroomuitval als gevolg van netcongestie.”

En afsluitend, met humor én ernst: “Maart roert zijn staart. Ga stemmen op 18 maart. Dit lijken verkiezingen waar niemand zin in heeft. Dan maken we maar zin. Verkiezingen zijn de kern van de democratie.”

Op de foto: Eelco Doorn zwaait af als raadslid in De Ronde Venen.  Foto: aangeleverd.