De jonkies en oudjes van het WK-voetbal
Door Donald Esser.
Ik had het met onze correspondent Peter Pos erover, de jonkies en oudjes van het WK-voetbal. Hij fabriceerde deze prachtige illustratie (zie beneden, onder de tekst) bij mijn column.
Een leuk WK-statistiekje siert deze dagen menig voetbalpraatprogramma en koffietafel: de leeftijden van de spelers die hun land vertegenwoordigen. Aan de ene kant de vijf jongste deelnemers, jongens die hun rijbewijs nog moeten halen maar al wel op het wereldtoneel rondlopen alsof ze de buurtspeeltuin domineren. Aan de andere kant de vijf oudste spelers; mannen die vermoedelijk nog weten waar ze waren toen de VAR nog gewoon scheidsrechter met bril heette.
De jonkies zijn van de categorie ‘net geslaagd voor hun eindexamen, nu wereldkampioen worden’. Ze rennen alsof hun batterij nooit leeg raakt, herstellen binnen drie minuten van een sliding en kijken verbaasd als iemand het woord spierherstelprogramma noemt. Voor hen is een voetbalcarrière iets dat net begint, een avontuur zonder einde. De term ervaring kennen ze vooral van de PlayStation.
Verstandig
De oudjes daarentegen weten alles van timing, positionering en het verstandig overslaan van een sprintje. Waarom 100 meter rennen als de bal ook naar hen toe kan komen? Ze spelen met het hoofd, met overzicht en met een hamstring die bij elke versnelling een kleine protestmars organiseert. Hun loopstijl heeft soms iets filosofisch: bedachtzaam, zoekend en altijd met een vleugje nostalgie naar die ene sprint tijdens een WK in het verleden.
En dan staat daar, pontificaal tussen deze generaties, Dick Advocaat. Met zijn 78 jaar jong, want zo hoort dat gezegd te worden, is hij niet alleen de oudste bondscoach van dit WK, maar ook meteen recordhouder in de geschiedenis van het toernooi. Terwijl de jongste spelers nog luisteren naar influencers en de oudsten naar hun fysiotherapeut, is Dick gewoon Dick gebleven: direct, eigenwijs en altijd overtuigd van zijn gelijk, zelfs als de rest van de wereld het daar zachtjes mee oneens is.
Mooi verhaal
Geen rollator op de training, maar nog even een balletje hooghouden. Waar anderen op die leeftijd hun moestuintje bijhouden of fanatiek bridge spelen, leidt Advocaat een nationale ploeg. En niet zomaar een ploeg: het debuterende Curaçao. Dat alleen al is een mooi verhaal, want ergens in de Caraïben wordt met Nederlandse nuchterheid en Caribische flair gewerkt aan een droom.
Met dit record passeert hij grootheden als Otto Rehhagel, die met zijn 71 jaar en 317 dagen ooit de oudste WK-coach was. Ook Louis van Gaal schuift een treetje omlaag in het klassement. Het is bijna alsof Dick nog een keer wilde laten zien dat statistieken er zijn om herschreven te worden.
Of Curaçao na de wedstrijd tegen Duitsland wereldkampioen wordt? Laten we het vriendelijk formuleren: de kans is ongeveer net zo groot als dat één van de jonkies vraagt of hij eerder naar bed mag. Maar zoals Advocaat het zelf waarschijnlijk ziet: meedoen is belangrijker dan winnen. Of beter gezegd: meedoen ís winnen, zeker als je op je 78e nog midden in het grootste voetbalfeest ter wereld staat.
En zo brengt dit WK niet alleen doelpunten en tackles, maar ook een prachtige dwarsdoorsnede van leeftijden. Van broekies tot routiniers en daarbovenuit een bondscoach die het begrip pensioenleeftijd al jaren geleden resoluut in de prullenbak heeft gegooid. En na elk afscheid weer terugkeert… Om in Uithoorn of De Ronde Venen definitief af te bouwen bij Legmeervogels, VDO, KDO, FC Abcoude, SV Hertha, SV Argon, HSV’69 of CSW…?
Dat zou wat zijn.


