De belasting op het bestaan
Door Donald Esser.
Ik was verrast door een bericht online van mijn mediacollega Almere deze week: Almere gaat vanaf 2027 eigenaren van langdurig leegstaande woningen belasten. Belasting betalen hoort bij het leven. Motorrijtuigenbelasting, btw, inkomstenbelasting… vooruit. We begrijpen het. De overheid moet van ons ergens geld vandaan halen om wegen aan te leggen, lantaarnpalen te laten branden en ambtenaren te betalen die vervolgens kunnen uitzoeken waarom er nog meer belasting nodig is.
Maar soms heb ik het idee dat er op een gemeentehuis een ambtenaar rondloopt met maar een taak: bedenk iets waar nog geen belasting op zit. Een hond? Hebben we al. Een tweede woning? Ook. Een reclamebord? Kassa. Een terras op gemeentegrond? Betalen maar. En nu komt uit de koker: leegstandbelasting. Almere gaat vanaf 2027 eigenaren van langdurig leegstaande woningen belasten. Een begrijpelijk doel, zeker in een tijd van woningnood. Maar het fiscale principe is interessant: vroeger betaalde je belasting als je iets had. Nu kun je kennelijk ook belasting betalen omdat je iets níét gebruikt.
Dat biedt perspectief. De vergeetbelasting bijvoorbeeld. Uw fiets drie maanden niet aangeraakt? Aanslag. De bankzitbelasting voor mensen die op zondagavond Studio Sport kijken zonder aantoonbaar economisch rendement. De niksdoenheffing voor wie op een zonnige middag gewoon in de tuin zit. En natuurlijk de stiltebelasting: wie na tien uur ‘s avonds geen lawaai maakt, benut zijn geluidsruimte onvoldoende.
Ook ondernemers mogen meedoen. Wie een reclamebord heeft dat vanaf de openbare weg zichtbaar is, kan reclamebelasting betalen. Wie vervolgens iets op gemeentegrond zet, krijgt er met een beetje pech nog precario-belasting achteraan.
Het mooie is: als inwoner hoef je eigenlijk alleen maar te bestaan. Daar komt de ademhalingsbelasting nog wel een keer bij. U gebruikt immers de openbare lucht. En waarom zouden we stoppen bij de voordeur? Een drempelbelasting lijkt me kansrijk. Een huis heeft er tenslotte één of meerdere. Een trapbelasting ook: hoe meer treden, hoe groter uw bijdrage aan de samenleving.
Voor wie veel vrije tijd heeft, ligt er eveneens een mooie kans. De vrijetijdheffing. Want als u tijd heeft om drie uur op de bank te zitten, heeft u kennelijk tijd over. En tijd is tegenwoordig blijkbaar een schaars goed waar de overheid nog wel een percentage van kan opeisen.
En dan de zuchtbelasting. Die zie ik echt gebeuren. Een diepe zucht na het openen van de jaarlijkse belastingaanslag en u bent de klos. Wie vervolgens hardop zegt: ‘Waar gaat dit allemaal over?’ betaalt een meningbelasting. Wie daar bezwaar tegen maakt, krijgt uiteraard eerst een bezwaarbelasting.
Misschien moeten we het voortaan eenvoudiger doen. Geen gedoe meer met honden, auto’s, woningen, reclameborden, terrassen en leegstand. Gewoon een jaarlijkse aanslag: belasting op het hebben van een leven.
En als u die niet kunt betalen, geen probleem. Dan komt er vast een armoedeheffing. Want ergens moet het geld tenslotte vandaan komen.
En voor wie vindt dat ik nu een beetje overdrijf? Geen zorgen. Daar hebben we straks vast ook een overdrijvingsheffing voor.

